12 ezelsbruggetjes om de golfregels te onthouden

Onthoud de belangrijkste golfregels moeiteloos met deze twaalf ezelsbruggetjes. Van de kleuren van de palen tot droppen op kniehoogte. Handig voor op de baan én voor je GVB.

GVB Cursus
Lees met AI
In dit artikel

De golfregels zijn niet moeilijk, maar er zijn er véél. Het verschil tussen een beginner die twijfelt en een golfer die vlot doorspeelt, zit vaak in een paar slimme geheugensteuntjes. Hieronder vind je twaalf ezelsbruggetjes die de belangrijkste regels blijven plakken. Handig voor op de baan én voor je GVB-examen.

De kleuren van de palen

Palen langs de baan vertellen je precies wat er aan de hand is. Onthoud ze zo:

1.   "Wit is weg." Witte palen markeren de baangrens: je bal is buiten de baan (out of bounds). Dat kost een strafslag en je speelt opnieuw vanaf je vorige plek.

2.   "Geel en rood kost een slag." Gele en rode palen markeren een strafgebied (voorheen "waterhindernis"). Droppen buiten het gebied kost je één strafslag.

3.   "Rood = ruimer." Bij een rood strafgebied heb je een extra drop-optie: opzij van het gebied, binnen twee stoklengtes. Geel heeft die zijwaartse optie niet.

4.   "Blauw mag je gratis." Blauwe palen wijzen meestal op grond in reparatie (GUR). Daar krijg je normaal gesproken vrijstelling zónder strafslag.

Kort samengevat: wit is weg, geel en rood kost een slag, blauw mag je gratis.

Tijd, hoogte en aantallen

5.   "Drie minuten, niet meer." Sinds 2019 heb je nog maar drie minuten om je bal te zoeken. Daarna is hij officieel verloren.

6.   "Knie, geen schouder." Droppen doe je vanaf kniehoogte, recht naar beneden laten vallen. (Vroeger was dat schouderhoogte; dat is veranderd.)

7.   "Veertien is het maximum." Je mag maximaal veertien clubs in je tas hebben tijdens een ronde.

8.   "Tussen de merken, max twee erachter." Op de tee sla je van tussen de merktekens, of hoogstens twee stoklengtes daarachter, nooit ervoor.

Slim spelen en eerlijk tellen

9.   "Bij twijfel: provisioneel." Denk je dat je bal weg of verloren is? Sla dan meteen een provisionele bal en kondig dat hardop aan. Scheelt je een lange wandeling terug.

10.  "Elke zwaai telt." Ook een luchtslag waarbij je de bal volledig mist, telt als slag. Eerlijk blijven tellen hoort bij het spel.

11.  "Zoals hij ligt, zoals je hem vindt." De twee kernprincipes in één zin: speel de bál zoals hij ligt en de báán zoals je hem aantreft. Niets verbeteren in je voordeel.

12.  "Verste eerst of ready golf." Klassiek speelt de speler die het verst van de hole ligt als eerste. Om het tempo erin te houden, mag je tegenwoordig spelen zodra je klaar bent ("ready golf").

Bonus: bunker versus strafgebied

Een klassieke instinker op het examen: mag je je club in het zand of het water laten rusten vóór je slag?

•    In de bunker: níét gronden. Je mag je club niet in het zand laten rusten vóór de slag.

•    In een strafgebied: dat mag tegenwoordig wél. Sinds 2019 mag je je club daar neerzetten en losse voorwerpen weghalen.

Onthoud: zand = handen thuis, water = mag.

Van onthouden naar toepassen

Ezelsbruggetjes helpen je de regels te ónthouden, maar op de baan gaat het om toepassen. Wil je eerst de basis rustig doorlezen? Bekijk dan ons overzicht van de golfregels voor beginners. En kom je in het bos of het water terecht, dan helpt ons artikel over verloren bal, out of bounds en water je verder.

Klaar voor de volgende stap?

Golfles boeken

Reserveer direct een les bij een gecertificeerde PGA-professional in jouw buurt.

Les boeken